zondag 22 juli 2018

Een gesprek onder vier ogen (2) - Johannes 3:4-9

Samenvatting toespraak zondagmorgen 22-7-2018. Voorganger evangelist Johan Krijgsman. M: 06-83571391. E: Amsterdam@bijbelcentrum.nl. W: www.bijsimondelooier.nl.Tel.: 020-6227742.
Thema: ‘Een gesprek onder vier ogen’ (2) n.a.v. Johannes 3:4-9.

We luisteren opnieuw naar een gesprek dat twee mannen ’s nachts hebben. Van de vorige keer weten we dat het Jezus en Nicodémus zijn. De toespraak gaat over 1) Nicodémus en Jezus en 2) Jezus en Nicodémus en 3) Jezus alleen. Het eerste punt hebben we vorige keer (8-7) gehoord. Halverwege het tweede punt zijn we gestopt. We pakken de draad weer op en behandelen nu Johannes 3:4-9.

2) Jezus en Nicodémus 
Het antwoord van Jezus heeft Nicodémus geraakt. Hij is er even stil van in die stille nacht. Jezus had het over wedergeboorte. Dit is een kernbegrip in de Bijbel. Wat is wedergeboorte? Ik heb dat duidelijk gemaakt met het voorbeeld van die dikke BMW zonder motor. Het belangrijkste onderdeel ontbreekt. Zo is het met ons zolang wij de wedergeboorte missen. 

Gevolgen
Ik wil nog even hierop terugkomen. Hoe weet je dat er wél een motor in de BMW zit? Niet door steeds naar de auto te kijken. Wel door erin te gaan rijden. Dit rijden is een gevolg van een goed werkende motor. Om hem werkend te houden is er brandstof nodig en wordt de motor regelmatig nagekeken. 

Hoe weet je dat je wedergeboren bent? Niet door blijvend na te denken of je dat wel bent. Door naar jezelf te blijven kijken. Wel door te de letten op de gevólgen van de wedergeboorte. Wat zijn die gevolgen? O.a. dit: dan is Christus alles voor je geworden. Je gelooft met vallen en opstaan in Hem. 
Je hebt de Heere lief zoals een kind zijn ouders. Je hebt verdriet over je zonden en zoekt vergeving daarvan. Je cijfert jezelf steeds meer weg. Je wilt er zijn voor je naaste. Je beleeft ook dat de weg naar de hemel geen prachtige geteerde weg is. Het is een weg met obstakels. Zoals verleidingen, ongeloof, koppigheid etc. Toch is het de beste weg. Christus als de Weg gaat op deze weg voor. 

De motor van de auto heeft brandstof nodig. Ook moet hij soms worden nagekeken om hem werkend te houden. Zo heb jij ook de ‘brandstof’ nodig van Woord en Geest om de gevolgen van de wedergeboorte werkend te houden. Deze brandstof ontvang je gratis in de samenkomsten. Ook moet je regelmatig de gevolgen van de wedergeboorte nakijken om te kijken of alles nog klopt. 

Niet begrepen (Nummer 4).
Uit Nicodémus’ reactie blijkt dat hij niet snapt wat Jezus bedoelt. Nicodémus denkt dat de Heere Jezus het over een natuurlijke geboorte heeft. Daarom zegt hij: Iemand die al oud is, kan toch niet opnieuw geboren worden? Hij kan toch niet teruggaan in de buik van zijn moeder en nog een keer geboren worden? Nee, inderdaad Nicodémus, zo werkt het niet. Hoe dan wel?

Met andere woorden (Nummer 5)
Jezus gaat het nog een keer met andere woorden uitleggen aan Nicodémus. Hij wordt niet moe om mensen toen en nu duidelijk te maken wat de kern van alles is. Ook al kom je voor de honderdste keer d.m.v. je gebed tot Hem, Hij ontvangt je altijd weer.

Weer luidt de Heere Jezus Zijn woorden in met: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u. Opnieuw ga Ik je iets heel belangrijks zeggen Nicodémus: Zo iemand niet geboren wordt uit water en Geest, hij kan in het Koninkrijk Gods niet ingaan. De Heere zegt weer: geboren wórden uit water en Geest. Dat is passief. Daar komt geen mens aan te pas. Dat doet de Heere. Dat is van Boven geboren worden. 
Wat is dan water en Geest? Wij moeten ‘gedoopt’ worden met de Heilige Geest. Hij reinigt van de zonden. Hij zorgt dat Christus’ bloed, Zijn levensoffer voor de zonden aan het kruis volbracht, ook jouw bezit wordt. Die Geest komt in je innerlijk wónen. Niet als Vakantieganger, maar als blijvende Inwoner.

Geest en vlees (Nummers 6 en 7)
De Heere windt er geen doekjes om in Zijn gesprek met Nicodémus. Ondanks dat hij farizeeër is. 
Nicodémus, zonder de genade van Mij ben je ‘vlees’. Doortrokken van de zonden. Dan blijf je verloren. Hoe je ook je best doet als farizeeër, het maakt niet uit. Je bent en blijft vanuit jezelf hetzelfde als je ouders: vlees. Uit je ouders ben je immers geboren? Dit is de aardse geboorte. 

Alleen door het ingrijpen van de Heilige Geest, Nicodémus, kun je behouden worden. Dat is uit de Geest geboren worden, dat is geest, dat is het geestelijke leven met Mij. Dat is wedergeboorte.

Jezus plaatst de natuurlijke geboorte – vlees – tegenover de geestelijke geboorte, Geest. Zo wil de Hij het Nicodémus en ons, nog duidelijker maken wat wedergeboorte, van Boven geboren worden, is. 
Wat een geduld, wat een didactiek heeft deze Rabbi. Daar kunnen we van leren in onze gesprekken met mensen. Als het niet lukt iets uit te leggen, probeer het dan eens op een andere manier. 

Toch begrijpt Nicodémus het nog niet helemaal. We zien het aan zijn gezicht. Hij kijkt de Heere Jezus verwonderd aan. Daarom zegt Christus: verwonder u niet dat Ik u gezegd heb: je moet wederom geboren worden. Kom, jij als rabbi moet dit weten. Je kent immers het Oude Testament. Daar wordt het al gezegd met andere woorden. Lees er Ezechiël 36 en 37 nog maar eens op na Nicodémus. 

De wind (nummer 8)
De Heere Jezus merkt Nicodémus’ verwondering. Daarom gebruikt Hij het beeld van de wind. Zo legt Hij het onbegrijpelijke werk van de Heilige Geest in de wedergeboorte uit. 
De wind hoor en voel je. Je weet niet vanwaar hij komt en heengaat. Hij is ook niet tegen te houden. 
Zo is het ook met iedereen die wedergeboren is. De Geest is de wind of adem van de Heere. 
Die blaast waarheen Hij wil. Je kunt het werk van de Geest niet in kaart brengen. Je kunt het niet instellen in de gedachten van jouw menselijke navigatie. De adem van de Geest gaat soeverein Zijn eigen weg. Deze wind pakt de één zo aan en een ander weer op een andere manier. 
Je kunt hem ook niet tegenhouden. Die Geest blaast alle ongeloof en atheïsme van mensen omver. Deze Geest, deze adem blaast net zolang totdat mensen door de knieën gaan voor Jezus. 

Nicodémus’ vraag (nummer 9)
Na deze vergelijking weet de farizeeër het niet meer. Zie je z’n grote ogen midden in de nacht? 
Hij vraagt aan de Heere: hoe kan dit allemaal? Hij die tot Jezus kwam met: wij weten, weet het niet meer. In de rest van dit hoofdstuk lees je niets meer over Nicodémus. Alleen Jezus is aan het woord. Daar hopen we de volgende keer naar te luisteren. Dat is punt 3: Jezus alleen.

Wees diep bedroefd als je Christus door wedergeboorte nog niet kent met je hart. In elke toespraak wordt Christus als de Weg aangewezen. Tot nu toe heb je Hem om wat voor reden dan ook, afgewezen. Weiger niet langer om aan Zijn indringende nodiging gehoor te geven. Nog is het tijd om Hem te leren kennen. Wij bidden van Christus’ wege: laat je met God verzoenen (2 Korinthe 5:20).