Bijbeluur 23 juli 2023- Een scherpe doorn n.a.v. 2 Korinthe 12 : 7 -9

 

Een scherpe doorn

2 Korinthe 12 : 1- 10

1 Te roemen is mij waarlijk niet oorbaar; want ik zal komen tot gezichten en openbaringen des Heeren.

2 Ik ken een mens in Christus, voor veertien jaren (of het geschied zij in het lichaam, weet ik niet, of buiten het lichaam, weet ik niet, God weet het), dat de zodanige opgetrokken is geweest tot in de derde hemel;

3 En ik ken een zodanig mens (of het in het lichaam, of buiten het lichaam geschied zij, weet ik niet, God weet het),

4 Dat hij opgetrokken is geweest in het paradijs, en gehoord heeft onuitsprekelijke woorden, die het een mens niet geoorloofd is te spreken.

5 Van de zodanige zal ik roemen, doch van mijzelf zal ik niet roemen, dan in mijn zwakheden.

6 Want zo ik roemen wil, ik zal niet onwijs zijn, want ik zal de waarheid zeggen; maar ik houd daarvan af, opdat niemand van mij denke boven hetgeen hij ziet, dat ik ben, of dat hij uit mij hoort.

7 En opdat ik mij door de uitnemendheid van de openbaringen niet zou verheffen, zo is mij gegeven een scherpe doorn in het vlees, namelijk een engel van de satan, dat hij mij met vuisten slaan zou, opdat ik mij niet zou verheffen.

8 Hierover heb ik de Heere driemaal gebeden, opdat hij van mij zou wijken.

9 En Hij heeft tot mij gezegd: Mijn genade is u genoeg; want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Zo zal ik dan veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij wone.

10 Daarom heb ik een welbehagen in zwakheden, in smaadheden, in noden, in vervolgingen, in benauwdheden, om Christus' wil; want als ik zwak ben, dan ben ik machtig.

Vragen:

  1. Heb je opmerkingen/vragen n.a.v. de toespraak over het thema ‘Een scherpe doorn’ of over het Bijbelgedeelte?

  1. Kun je nu, na het horen van de toespraak, onder woorden brengen wat een ‘doorn in het vlees’ is?

  1. Waarom geeft God Zijn geliefde Paulus een scherpe doorn in het vlees?

Lees ook:       2 Korinthe 12: 7       Markus 8 : 34 t/m 36

           

  1. Paulus heeft onophoudelijk gebeden om van de doorn in het vlees verlost te worden. God neemt de doorn in het vlees echter niet weg. Toch heeft u in de toespraak kunnen horen, dat Paulus’ gebed verhoord is. Kunt u dat uitleggen?

Lees ook:       2 Korinthe 12: 8-10 Romeinen 8: 35 t/m 39  Mattheüs 28: 20

  1. Herken je het hebben van een doorn in het vlees in je eigen leven?

Wat doet dat met je?

  1. Reageer op de volgende stelling:   Nood leert bidden.