zondag 2 februari 2020

Jona’s preek in Ninevé - Jona 3:4

Samenvatting toespraak zondagmorgen 2-2-2020. Voorganger: evangelist Johan Krijgsman. 
Telefoon 020-6227742; mobiel: 06-83571391. Amsterdam@bijbelcentrum.nl  www.bijsimondelooier.nl
Thema van de toespraak: ‘Jona’s preek in Ninevé’ n.a.v. Jona 3:4

Wat een moeite heeft de Heere gehad om Jona zover te krijgen dat hij gehoorzaamt. Jona weigerde om te gaan preken in de grote Assyrische stad Ninevé. Hij vluchtte met een schip en dacht voorgoed van de Heere af te zijn. Maar de Heere greep in door een zeer zware storm. Jona ging vrijwillig overboord en de Heere redde hem door de walvis. Op bevel van de Heere moet de vis Jona uitspuwen aan het strand waarvan hij wegvluchtte. Jona is weer terug en staat als het ware aan een nieuw begin. Daar zijn we vorige week geëindigd.

Hoe gaat het verder met Jona? Opnieuw komt tot hem het Woord van de HEERE zoals in het begin (zie Jona 1:1). Zal Jona nu weer tegenspartelen? Wie zichzelf een beetje kent, zal daarvan niet vreemd opkijken. Maar, we lezen dat Jona nu gehoorzaamt. Eindelijk gaat Jona de weg die de Heere wil. We geven als het ware een zucht van verlichting: eindelijk!
Weet je wat mij opvalt? Dat het een wonder is dat de Heere Jona opnieuw roept. 
Kan en wil de Heere zo’n wegloper, zo’n dienstweigeraar nog gebruiken? Ja, zo is de Heere. 
Opnieuw blijkt hieruit dat het boek Jona vol is van Gods barmhartigheid. Hij neemt Jona niet eerst apart om hem de les te lezen. Alleen al dit gegeven moet voor Jona een wonder zijn geweest. 
Het woord van de Heere komt voor de tweede maal tot hem. Wat een geduld heeft de Heere. 
Wij zouden gezegd hebben: als je niet wilt, bekijk het en zoek het maar uit. Nee, de Heere is zeer geduldig. De Heere wil dienstweigeraars gebruiken. Tenslotte zijn we dit allemaal. Wij hebben in onze voorouders Adam en Eva dienst geweigerd. Wat een wonder dat de Heere zulke mensen tegemoet komt met Woorden van genade. Genade die Hij aanprijst in de Heere Jezus.

De opdracht die Jona ontvangt is bijna identiek aan de eerste keer. Toch een verschil. Jona moet nu gaan prediken alles wat de Heere hem voorzegt (vers 2). Dat betekent dat de Heere heel nadrukkelijk Zelf bepaalt wat er gepreekt moet worden. Jona mag zijn boekje niet te buiten gaan. 
Er vallen nog een paar dingen op. Nadrukkelijk staat er dat Ninevé een grote stad Gods was van drie dagreizen. Grote stad Gods betekent dat het een belangrijke stad was. Het is in de Bijbel gebruikelijk dat alles wat uitmunt goddelijk wordt genoemd. Matthew Henry (een Engelse bijbelverklaarder) zegt dat grote dingen aan de Heere hun naam ontlenen. 
Verder is het een stad van ‘drie dagreizen’ Dat wil zeggen dat Jona drie dagen nodig heeft om al predikend de hele stad door te gaan. Het was zeker voor die tijd een zeer grote stad. Er woonden ruim een half miljoen inwoners. 
De Bijbel spreekt vaker over steden. De Heere wil gebruik maken van de stad om Zijn opdracht waar te maken. Vandaar dat de eerste christengemeenten bijna allemaal stadsgemeenten waren. 
In de stad gebeurde het. De zonden tierden welig in een stad. Maar ook de verkondiging van het Evangelie vond er doorgang. Jona is hiervan een voorbeeld. Hij moet van God naar deze grote stad om Zijn Woord juist in een broeinest van ongerechtigheid te brengen. 

Wat is de inhoud van de boodschap die Jona moet brengen? 
Zijn preek is kort en krachtig: ‘Nog veertig dagen, dan zal Ninevé worden omgekeerd’ (Vers 4). 
Ninevé zal verwoest worden. Jona heeft niet gedraald. Hij is meteen begonnen. 
De ene straat in en de andere weer uit. Hij heeft dat ‘één dagreis’ gedaan (Vers 4). 
Niet omdat hij in één dag de stad rond is. Daar heeft hij drie dagen voor nodig. 
Nee, de mensen in Ninevé geven de boodschap van Jona aan elkaar door. De eerste mensen die zijn boodschap horen, merken de ernst van Jona. Ze merken dat het waar is wat hij zegt. Het is voor Jona zelf een doorleefde boodschap. Hij is er helemaal bij betrokken. 
Dat was de Heere Jezus ook. Ook Hij doorleefde als geen ander Zijn boodschap. Dat hebben de mensen ook gezegd van Jezus: ‘En zij versloegen zich over Zijn leer; want Hij leerde hen als machthebbende’ (Markus 1:22). 
Dat Jona er nu helemaal bij betrokken is, is genade. We hebben gehoord en zullen nog horen wie Jona in zichzelf blijft. Een man die heel Ninevé verloren kan laten gaan zonder dat het hem iets doet.      
Zijn boodschap wordt dus als een lopend vuurtje de stad doorgebracht. 
Het is net als met een zeer belangrijk iemand die plotseling sterft. Dit staat vrijwel gelijk op nu.nl

Wat een ernstvolle en scherpe boodschap brengt Jona in opdracht van de Heere. 
Jona moet immers preken alles wat God tot hem sprak. Hier zit tweeërlei boodschap achter. 
Ten eerste de ernst dat God de zonden moet straffen. Hij neemt de zonden – verborgen of openlijke – hoogst ernstig. 
De tweede boodschap is dat God Ninevé wil sparen. Daarom deze scherpe boodschap. Daar zit Zijn geduld achter. Daar zit Zijn eeuwige liefde achter. Liefde ziet anderen niet graag verloren gaan. Liefde noemt zonde én genade. 


Ik hoorde dat een predikant niet meer mocht voorgaan. Waarom niet? Omdat hij op de preekstoel over zonden sprak. Veel mensen willen horen dat God liefde is en dat je lief voor elkaar moet zijn. Zodra een predikant de zonden noemt, wordt het al snel een hel-en-verdoemenis preek genoemd. 

Dat de zonden in Ninevé groot waren, blijkt wel uit de boodschap van Jona. 
Stel dat het Sociaal en Cultureel Planbureau in Ninevé onderzoek zou doen naar de godsdienstige veranderingen en belevingen. Wat zou de uitslag zijn geweest? Ik denk niet best. 
In ons land heeft het Sociaal en Cultureel Planbureau ook weer zo’n onderzoek gehouden. 
De uitslag is schokkend. Binnenkort zullen veruit de meeste Nederlanders ongelovig zijn. 
Wat moet dat ons aangrijpen. Helaas doet het dat niet vanuit onszelf. Nee, we moeten net als Jona gegrepen worden door God om met het lot van onze naaste bewogen te zijn.  

De inwoners van Ninevé krijgen nog veertig dagen de tijd om tot bekering te komen. 
Veertig is in de Bijbel een bijzonder getal. Ik noem slechts een paar voorbeelden. 
Israël was veertig jaren in de woestijn voordat het het beloofde land inging. 
De Heere Jezus was veertig dagen in de woestijn ter voorbereiding van Zijn werk. 
Er zitten veertig dagen tussen Pasen en Hemelvaart.
Het getal veertig geeft ook iets aan van boete. De profeet Ezechiël moet als teken van boete veertig dagen op zijn zijde liggen (Ezechiël 4:6). 

Wat heeft het getal veertig ons te zeggen? De inwoners van Ninevé krijgen nog veertig dagen voorbereidingstijd om zich te bekeren. Dan komt het oordeel. Daarom is het getal veertig ook een getal van volheid. De Heere zegt tegen de inwoners van Ninevé: nog veertig dagen en de maat is vol. 
Hoeveel tijd heeft Nederland nog te gaan voordat de maat vol is? Voordat het oordeel komt? 
Daarom moet in de kerk, naast het Evangelie, ook de boodschap van het ‘oordeel’ gebracht worden. 
God straft de zonden! Niet om daar een punt achter te zetten. Wel om de mensen van de ernst van de situatie te overtuigen. Alleen zo komt er ruimte voor het Evangelie. Voor de blijde boodschap.
Zo heeft ook Christus het Woord gebracht. De Heilige Geest wil zo’n Woord gebruiken. 
Zo komen mensen tot berouw en geloof. Gods kinderen zullen onder zo’n prediking meer leren van de onbegrijpelijke trouw van de Heere en hun ontrouw. Zo zullen ze steeds meer hun verlossing in Christus gaan zoeken en vinden. Daar gaat het om.   
Het getal veertig geeft symbolisch de tijd aan van oordeel en redding. De Heere Jezus zegt als het ware: Ik tel tot veertig en dan kom Ik. Dan is de maat vol. Voor ons geldt nu: ‘Gij dan, zijt ook bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen’ (Lukas 12:40).