zondag 9 februari 2020

Wie weet - Jona 3:9.

Samenvatting toespraak zondagmorgen 9-2-2020. Voorganger: evangelist Johan Krijgsman. 
Telefoon 020-6227742; mobiel: 06-83571391. Amsterdam@bijbelcentrum.nl  www.bijsimondelooier.nl
Thema van de toespraak: ‘Wie weet’ n.a.v. Jona 3:9.

Jona hoeft niet lang te wachten op de uitwerking van zijn korte en krachtige preek. 
Na één dag is het al merkbaar. Terwijl Jona de straten van Ninevé doortrekt, is zijn boodschap ook in het paleis van de koning gekomen. Het slaat in als een bom in het koninklijk paleis. Wat is het gevolg? 
De koning komt van zijn troon! In de oudheid moest er heel wat gebeuren als een koning van zijn troon kwam. Dat gebeurt hier en dat niet alleen. De koning doet ook zijn koninklijke kleren uit. 
Doet een zak, een boetekleed aan. Hij gaat in de as zitten als teken van boete en berouw (vers 6). Daar komt onze uitdrukking ‘in zak en as zitten’ vandaan. Blijft het daarbij? 
Nee, in zijn naam en namens hoge functionarissen laat hij een bevel verspreiden in de stad. 
We zouden nu zeggen dat hij een koninklijke e-mail verstuurt met de hoogste prioriteit. 

Wat is de inhoud van het bericht? Niemand mag iets eten of drinken, ook de dieren niet. Iedereen moet bedekt zijn met zakken, rouwkleren dragen, ook de dieren. Bid allemaal tot God. Laat iedereen zich bekeren van zijn boze weg. Laat niemand meer geweld gebruiken. Wie weet, zal God Zich omkeren, berouw hebben en Zijn brandende toorn laten varen, zodat wij niet sterven (vers 7-9).  
Deze boodschap brengen de snelbodes rond in Ninevé. Alle feesten worden afgelast. 
Het hele openbare leven komt stil te liggen als uiting van boete. Het is op de hoeken van de straten en in de huizen te horen dat heel Ninevé aan het bidden is. Er wordt schuld beleden. Er wordt God gevraagd om genade. Ze erkennen geen recht te hebben op verhoring en genade. Ze vragen als ‘veroordeelden’ om genade, zoals een moordenaar om gratie vraagt. 
Ze geloven dat God terecht toornig op hen is. Als er genade gegeven wordt, is dat een wonder. Daarom zegt de koning: wie weet (vers 9). Dit ‘wie weet’ is geen misschientje, maar de hoop dat God genadig wil zijn. De bekende Engelse bijbelverklaarder Matthew Henry zegt: ‘Zie, hoop op genade is de machtige spoorslag tot berouw en bekering’. 
Wat een uitwerking na één dag al op zo’n korte preek. 
Noach heeft 120 jaar gepreekt en de mensen geloofden er niets van. Toen kwam de zondvloed en ze verdronken allemaal. Ook de Heere Jezus zei van Jeruzalem dat ze Zijn waarschuwende woorden niet hadden geloofd. (Mattheüs 23:37). Ze wilden de Heere zelfs grijpen en doden (Johannes 7:30). 
Het is opmerkelijk dat de inwoners van Ninevé Jona niet hebben gegrepen. Dat zijn boodschap deze uitwerking heeft in het paleis. 

Veel voorgangers moeten vandaag klagen. Bijna niemand gelooft de bijbelse boodschap van oordeel en genade. Nu kunnen ze wel 365 dagen in een jaar preken en ze mogen blij zijn als één zondaar zich bekeert. Daaraan zien we dat het genáde is als de boodschap gevolgen heeft zoals bij Jona. 
Hoewel dat voor 100% waar is, moeten voorgangers ook altijd aan zelfonderzoek doen. 
Ze moeten zich steeds afvragen of ze wel echt bewogen zijn met mensen. Of ze wel echt de boodschap van oordeel én genade brengen. Vorige week zei ik dat de mensen het aan Jona merkten dat zijn boodschap een doorleefde boodschap was. 
Stel dat onze koning overtuigd zou zijn van het oordeel van God, dat zeker komt. Dan werd bv de abortuswet direct ingetrokken. Dan zullen allerlei ‘moderne’ samenlevingsvormen worden ingetrokken etc. Dan zullen onder de zegen van de Heere Nederlanders schuldbelijdenis gaan afleggen en zich bekeren. Dan zullen wij in het buitenland niet meer berucht zijn vanwege de liberale wetten. Maar wel omdat Nederland schuld belijdt en zich bekeert tot God. 
Wat een voorbeeldfunctie heeft ons koningshuis en de Eerste en Tweede Kamer. 

Het voorbeeld van het koningshuis in Ninevé had grote gevolgen. Lees vers vijf maar. 
Er komt een volksbekering in Ninevé. We kunnen ons afvragen of alle inwoners zich echt tot de Heere bekeerd hebben. Er zijn immers altijd meelopers?   
Toch zijn er in Ninevé geweest die zich echt hebben bekeerd en tot geloof zijn gekomen.
Hoe weten we dit? In de grondtaal wordt hier voor geloven een woord gebruikt, wat echtheid aangeeft. Het is hetzelfde woord dat we tegenkomen in Genesis 15:6. Zoek het maar eens op.
Het is het geloof dat de Heere betrouwbaar acht. Het geloof dat gelooft dat God niet met loze dreiging komt. Dit geloof, gelooft dat de rechtvaardige God alleen om Jezus’ wil barmhartig kan zijn.
Ze geloofden bovendien dat de boodschap van Jona van Gód kwam. Daarom staat er ook dat ze áán, in God geloofden. 
Dat geloof wordt ook zichtbaar bij de Ninevieten. Ze trekken rouwkleren aan als teken van rouw en boete en breken met de zonden. 
Ze houden zich met één ding bezig: hopen op Gods genade en barmhartigheid. 

Zo is het ook vandaag. Je kunt luisteren naar een voorganger. Je hoort zijn stem. Als je echt tot God bekeerd wordt, valt de stem van de voorganger weg. Je hoort Gods stem daarin.

Dan ga je heel anders naar een toespraak luisteren. Dan laat je je plaats in de samenkomsten, ook 
’s middags, niet snel leeg. Je verlangt opnieuw Gods stem te horen. Zijn stem die spreekt over zonde én genade. Je ziet dan dat er belangrijker dingen zijn dan het hier en nu. 
Je wordt tot deze God aangetrokken, ondanks Zijn rechtvaardigheid. Je kunt niet meer zonder Hem leven. Het ‘wie weet’ van de koning van Ninevé wordt jouw hoop. 
Weet je hoe dat komt? Omdat er iets is wat aan je trekt. Dat iets is de liefde van de Heere Jezus. 
De Heilige Geest geeft dit. Hij zorgt dat je niet kunt rusten zonder Christus. Je gaat geloven in Hem. Dan ervaar je een liefde tot Hem die onbeschrijflijk is. En dat voor jou die het niet verdient! 

De Heere Jezus zegt dat Jona tot een teken voor de Ninevieten is geweest (Lukas 11:30,32). 
Daaruit blijkt dat Jona waarschijnlijk iets verteld heeft van zijn wonderlijke weg. Dat heeft onder Gods zegen meegeholpen aan hun bekering. 
Weet je Wie voor ons een teken moet zijn? De Heere Jezus. Dat zegt Hij in o.a. Mattheüs 12:41: 
‘de mannen van Ninevé zullen opstaan in het oordeel met dit geslacht en zullen hetzelve veroordelen; want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jona; en zie meer dan Jona is hier’. 
Wat doe jij met al die toespraken die tot je komen in de Naam van Jezus. Nu al negentien jaar lang? 

Na de bekering van de Ninevieten heeft de Heere het oordeel niet uitgevoerd. 
De HEERE kreeg berouw over alles wat Hij gezegd had. Kan God dan berouw krijgen? Hij weet toch alles van te voren? Hij is toch de Onveranderlijke? Allemaal waar, maar hier wordt op een menselijke manier over de Heere gesproken. Laten we het maar zo laten staan en niet gaan redeneren. 
Weet je wat hieruit blijkt? ‘Barmhartig en genadig is de HEERE, lankmoedig en groot van goedertierenheid’ (Psalm 103:8). Hij heeft een teken gegeven van Zijn onbegrijpelijke barmhartigheid. Het teken van Zijn Zoon de Heere Jezus. Iedereen die iets leert van dit teken, die bindt de strijd aan met alle zonden. Weet je wat ze ook leren? Dat het met hen nooit iets is geweest en nooit wat worden zal. Zo blijft genade over. Wie weet…  en Hij deed het niet (vers 10). Om Jezus’ wil.