zondag 20 augustus 2017

Mozes voor Farao - Exodus 5 t/m 10

Samenvatting toespraak zondagmorgen 20-8-2017. Voorganger evangelist Johan Krijgsman. 

M: 06-83571391. E: Amsterdam@bijbelcentrum.nl. W: www.bijsimondelooier.nl.Tel.: 020-6227742.

Thema toespraak: ‘Mozes voor Farao’ n.a.v. Exodus 5 t/m 10.

 

Onmogelijk

Vorige week hoorden we hoe de Heere Mozes riep. Hij kreeg opdracht om de Israëlieten uit Egypte te bevrijden. Een onmogelijke opdracht. Maar de Heere beloofde dat Hij met hem zou zijn. 

Daarnaast kreeg Mozes zijn drie jaar oudere broer Aäron mee als hulp. Maar dan nog: wat een taak. 

De Farao, de koning van Egypte is geen lekkertje. Het is een despoot van heb ik jou daar. 

Toch gaan Mozes en Aäron. Niet in eigen kracht, maar de Heere is met hen. 

Wat een zegen als je zo leeft. Daar ben je goed mee. Dat heeft Mozes ook gemerkt. Nee, dit wil niet zeggen dat het dan altijd vanzelf gaat in je leven. Dan heb je vaak nog onmogelijkheden. Ook dat heeft Mozes gemerkt. Maar wat bij ons onmogelijk is, is mogelijk bij de Heere. Mozes verwachtte het van de Heere Jezus. Vaak zegt de Heere Jezus: Zo u gelooft, zijn alle dingen mogelijk.

 

Naar Farao

Mozes en Aäron gaan naar Farao. Ze vragen aan Farao in naam van de HEERE of ze met het volk een feest mogen houden in de woestijn. Een feest ter ere van hun God. Het gebeurde meer in die tijd dat slaven vrijaf kregen om hun goden te dienen.  

Farao weigert. Bruut zegt hij: wie is de HEERE? Ik ken de HEERE niet. Waarom zou ik Hem dan gehoorzamen? Ik zal jullie niet vrijaf geven voor een feest ter ere van deze HEERE (Exodus 5:2).

 

Kennen

Farao heeft gelijk. Hij kent de Heere niet. Niemand kent de Heere vanuit zichzelf. Zeker niet het bijbelse kennen. Dat is een kennen van een relatie hebben met. Een kennen in liefde. Dit kennen gaat samen met Hem gehoorzamen. Dít kennen, missen we. Is dat niet het probleem, de zonde van ons allemaal? Farao zat daar niet mee. En jij en ik? 

De Heere weet ook raad met dit probleem. Met deze zonde van het niet kennen van Hem met je hart. God wil Zich laten kennen door middel van de Heere Jezus. De Heere Jezus zegt: wie Mij gezien heeft, Mij kent, heeft de Vader gezien. Met andere woorden: als je gelooft in Jezus – als je Hem kent met je hart – ken je tegelijk God de Vader. De Heere Jezus en de Vader zijn één. 

Dit miste Farao. Daarom bleef hij halsstarrig en liet hij de Israëlieten niet gaan.  

Dit geloof missen heel veel mensen vandaag de dag. Er zijn zelfs mensen die ontkennen dat er een god is. Als je dat ontkent, ben je nog dommer bezig dan Farao. Die had nog een godsbesef. 

Al was het een totaal verkeerd en afgodisch godsbesef. 

 

Straf

In plaats van ze te laten gaan, laat hij de Israëlieten harder werken. Hij straft de Israëlieten hard af voor hun brutale vraag. De Israëlieten weten niet meer waar ze het hebben. 

Ze gaan dan ook naar Mozes en klagen hem hun nood. Ze geven zelfs Mozes en Aäron de schuld van alles. Ze spreken zelfs de wens uit de Heere Mozes en Aäron zal straffen (Exodus 5:21). 

Ook Mozes begrijpt het allemaal niet meer. Hij is diep teleurgesteld in God en roept Hem zelfs ter verantwoording. Hij wijst de Heere erop dat de toestand hopeloos wordt.

 

Reactie

Mozes’ reactie moeten we niet ver weg zoeken. Roepen wij de Heere ook niet ter verantwoording als het tegenzit? Als het anders gaat dan dat we gebeden hebben? Dan zeggen we: daar heb ik niet om gevraagd, Heere.

Hoe durven we. Hij is ons toch niets verplicht? Ik hoop dat je beseft hoe erg het is de heilige God ter verantwoording te roepen. Maar ook met deze zonde kun je bij de Heere terecht. Hij wil het vergeven door het bloed – het offer aan het kruis – van de Heere Jezus. 

Ook Mozes zocht ondanks zijn zonden steeds weer hulp en verlossing bij Hem.

 

Troostwoorden

Op Mozes’ boze woorden reageert de Heere liefdevol. De Heere zegt: je zult zien wat Ik met Farao zal gaan doen. Ik zal hem straffen. Ik zal hem dwingen om Mijn volk te laten gaan. Hij zal de Israëlieten zelfs uit zijn land wegjagen. Ik ben de HEERE. Ik ben trouw aan dat wat Ik beloofd heb. Ik zal de Israëlieten bevrijden uit hun slavenpositie. Ik zal hun en Farao laten zien hoe machtig Ik ben.  

 

 

De Israëlieten zijn Mijn volk en Ik ben hun God. Ik breng hen naar het land dat Ik beloofd heb aan Abraham, Izak en Jakob. Ik ben de HEERE. Mozes: op Mij kun je aan (Exodus 5:22-6:8). 

 

Ook wij kunnen op de Heere aan. Hoe dwars je ook bent. Hij is in en door de Heere Jezus trouw aan Zijn verlossingsplan. Christus zegt dat Hij gekomen is om te zoeken en zalig te maken dat verloren was (Lukas 19:10). Concentreer je dan op de Heere Jezus. Zelfs als je niet gered wilt worden.

 

Slang

Waarschijnlijk weet je dat er tien ‘plagen’ nodig waren voordat Farao de Israëlieten liet gaan. 

Voordat die tien plagen, straffen, komen gebeurt er nog iets. Mozes en Aäron staan weer voor Farao. 

In opdracht van de Heere moet Aäron zijn staf op de grond gooien. De Heere zorgt ervoor dat deze staf verandert in een draak. In een slang (Exodus 7). 

God laat toe dat de staven van de Egyptische tovenaars ook veranderen in slangen. Slangen waren voor de Egyptenaren heilige dieren. De ene slang van Aäron eet echter al de slangen op van de tovenaars. Dit moet eenteken voor Farao zijn dat de Heere machtiger is dan wie dan ook. Farao komt niet tot inkeer door dit wonder. Hij blijft hardnekkig weigeren Israël te laten gaan. Hij verhardt zich zelfs. Wie en wat is een mens…

Aan Farao zie je hoe hard een mens is vanuit zichzelf. Daaraan zie je ook dat Gods genade nodig is om mensen te bekeren en tot geloof te brengen. Anders gebeurt het nooit. Maar onthoud het: Gods genade in en door de Heere Jezus is almachtig. Het overwint elke vijand als het nodig is. Dat is liefde.

 

Tien plagen

Na deze gebeurtenis stort de Heere Zijn tien plagen uit over Egypte. Hij straft hen om hun hardnekkigheid. Om hun zonden.

De Heere zorgt ervoor dat de Egyptische tovenaars de eerste twee plagen kunnen nadoen. Let wel: de Heere zorgt daarvoor. 

Zo kan de Heere vandaag ook mensen macht geven om grote wonderen te doen. Maar is zo’n wonder tot zegen of tot oordeel? Als een wonder bekering tot de Heere geeft, is het tot zegen. 

Hebben wonderen die uitwerking niet, dan is het tot oordeel. Farao bekeerde zich niet.

De derde plaag kunnen de tovenaars van Farao niet meer nadoen. De tovenaars waarschuwen Farao dat dit Gods vinger is. Met andere woorden: Farao: kom tot inkeer. Maar hij verhardt zich.

Zo gaat het als je de Heere laat praten. Uiteindelijk raak je dan geestelijk totaal afgestompt. 

Na de negende plaag stuurt Farao Mozes en Aäron weg. Hij waarschuwt dat ze niet meer terug moeten komen, want anders zullen ze gedood worden. 

Mozes weet dat het de laatste keer is dat ze voor Farao komen. Hij zegt dit dan ook tegen Farao (Exodus 10:29). Daarna vertelt Mozes de Israëlieten wat God van plan is en wat ze moeten doen.  

 

‘Plagen’

Ook de Heere Jezus heeft ‘plagen’ ontvangen. Niet tien, maar ontelbaar veel. Wat ik bedoel?

Hij heeft de straffen die Zijn kinderen om hun zonden verdienen, gedragen. Zijn kinderen belijden ook dat zij die plagen, die straffen verdienen (Lukas 23:41). Maar Christus heeft die straf gedragen. 

Lees maar mee: ‘Om de overtreding mijns volks is de plaag op Hem geweest’ (Jesaja 53:8). 

Dit wonder kunnen Zijn kinderen niet kleinkrijgen. Dit wonder wordt voor hen steeds groter. 

  

Cultuur en godsdienst van Egypte

Wat zijn de lessen van dít stukje van onze geschiedenis? Ten eerste: de Egyptische afgoden kunnen Gods plagen niet tegenhouden. Ook onze ‘afgoden’ kunnen dat niet.

Ten tweede: de Egyptische hoog ontwikkelde cultuur stelt voor de Heere niets voor. Onze ‘technologie en cultuur’ stellen voor de Heere ook niets voor.

Ten derde: Gods plannen gingen door hoe Farao en de zijnen zich ook verzetten.

Wij kunnen plannen maken, maar onthoud: Zijn plan vindt doorgang. Maak je plannen daarom met de Heere. Dan ben je goed af. 

Laten wij onze winst er mee doen. Ga door je knieën. Verhard je niet in blijvend ongeloof. Christus

 

English version

 

Summary speech Sunday morning 20-8-2017. Evangelist Johan Krijgsman.
M: 06-83571391. E: Amsterdam@bijbelcentrum.nl. W: www.bijsimondelooier.nl.Tel .: 020-6227742.Theme address: 'Moses before Pharaoh', Exodus 5 to 10.

Impossible
Last week we heard how the Lord called Moses. He was ordered to free the Israelites from Egypt. An impossible mission. But the Lord promised that He would be with him. In addition, Moses got his three-year-old brother Aaron to join him for help. But still then: what a task.
The Pharaoh king of Egypt is not a cuty. He's a tyrant of the worst order. Yet Moses and Aaron don’t go in their own power, but the Lord is with them.
What a blessing if you live like this. That works always to your advantage. That has also been noted by Moses. No, this does not mean that everything always goes smoothly in life. There you often face impossibilities. This has also been noted by Moses. But what is impossible to us is possible to the Lord. Moses expected it from the Lord Jesus. The Lord Jesus often says: As you believe, all things are possible.

To pharaoh
Moses and Aaron go to Pharaoh. They ask Pharaoh in the name of the LORD whether they may have a feast in the wilderness with the people. A feast in honour of their God. It happened more in those days that slaves got free time to serve their gods.
Pharaoh refuses. Inhumanely he says, who is the LORD? I do not know the LORD. Why should I obey Him? I won’t let you free for a feast in honour of this Lord (Exodus 5: 2).

Knowing
Pharaoh is right. He does not know the Lord. Nobody knows the Lord from himself. Certainly not in a biblical sense. That is a knowing to have a relationship with. A knowing in love. This knowledge coincides with obeying Him. This knowledge we miss. Is not that the problem, the sin of all of us? Pharaoh couldn’t care less. And you and me?
The Lord also knows how to tackle this problem concerning this sin of not knowing Him with your heart. God wants to make Himself known through the Lord Jesus. The Lord Jesus says: Who has seen Me, knoweth me, hath seen the Father. In other words, if you believe in Jesus-  if you know Him with your heart- you know God the Father at the same time. The Lord Jesus and the Father are one.
Pharaoh missed this. Therefore he remained obstinate and did not let the Israelites go.
 A lot of people lack this faith also today. There are even people who deny that there is a god. If you deny that, you're still more mindless than Pharaoh. He had still a vague sense of god. Even though it was a totally wrong and idolatrous sense of god.

Punishment
Instead of letting them go, he has the Israelites work harder. He punishes the Israelites hard for their brutal question. The Israelites do not know what happens to them They are puzzled.
So they go to Moses and complain to him about their distress. They even blame Moses and Aaron for everything. They even speak out the wish that the Lord should punish Moses and Aaron. (Exodus 5:21).
Even Moses is at a loss what to do next. He is deeply disappointed in God and even calls Him to account. He indicates the Lord that the situation becomes hopeless and gets out of hand.

Response
We shouldn’t seek Moses's response far away. Do we not call the Lord to account as well  if luck is against us ? If it goes differently than we have prayed for ? Then we say: I did not ask for it, Lord. How dare we. He is nothing obliged to us yet? I hope you realize how bad it is to call the holy God to account. But with this sin you can also go to the Lord. He wants to forgive it through the blood - the sacrifice on the cross - of the Lord Jesus.
Even so, in spite of his sins, Moses sought help and salvation with Him.

Words of comfort
On Moses' angry words, the Lord lovingly responds. The Lord says: You will see what I will do with Pharaoh. I will punish him. I will force him to let My people go. He will even chase the Israelites out of his country. I am the LORD. I am trustworthy to what I promised. I will free the Israelites from their slave position. I will show them and Pharaoh how powerful I am.
The Israelites are My people and I am their God. I bring them to the land that I promised to Abraham, Isaac and Jacob. I am the LORD. Moses: You can rely on Me (Exodus 5: 22-6: 8).

We can also trust in the Lord. However stubborn or obstinate you are. He is faithful to His plan of salvation in and through the Lord Jesus. Christ says that He has come to seek and save what was lost (Luke 19:10). Then concentrate on the Lord Jesus. Even if you do not want to be saved.

Snake
You probably know that ten plagues were needed before Pharaoh let the Israelites go.
Before those ten plagues, punishments occur, something else happens. Moses and Aaron stand before Pharaoh again.
By order of of the Lord, Aaron must throw his stave to the ground. The Lord causes this stave to turn into a dragon. Into a snake.
God allows the staves of the Egyptian wizards to turn into snakes too. However,  Aaron's stave eats all the snakes of the wizards. This must be a sign to Pharaoh that the Lord is more powerful than anyone else. Pharaoh has not repented by this miracle. He remains stubborn and refuses to let Israel go. He even hardened himself. Who and what is a human being ...
In Pharaoh you see how hard a human is from himself. You also see that God's grace is needed to convert and bring to faith. Otherwise it never happens. But remember: God's grace in and through the Lord Jesus is omnipotent. It overcomes any enemy if it is necessary. That is love.

Ten plagues
After this event, the Lord is pouring His ten plagues over Egypt. He punishes them for their stubbornness. For their sins.
The Lord ensures that the Egyptian wizards can copy the first two plagues. Note: The Lord makes it possible.
Thus, the Lord can give people power to do great miracles also today. But leads such a miracle to blessing or to judgement? If a miracle leads to repentance to the Lord, it is a blessing.  Do miracles  not work out that effect, then it is to judgement. Pharaoh did not repent.
Pharaoh's wizards fail to carry out the third plague. The wizards warn Pharaoh that this is God's finger. In other words, Pharaoh: come to repentance. But he is hardened himself.
This happens if you ignore God’s words. In the end, you will be completely spiritually blinded.
After the ninth plague, Pharaoh sends Moses and Aaron away. He warns that they should not come back, otherwise they will be killed.
Moses knows it's the last time they appear before Pharaoh. He thus says this to Pharaoh (Exodus 10:29). After that, Moses tells the Israelites what God is planning and what they have to do.

“Plagues”
The Lord Jesus also received "plagues". Not ten, but countless. What I mean? He carried the punishment that His children deserve because of their sins. His children also profess that they deserve those plagues,those punishments (Luke 23:41). But Christ carried that punishment.
Just read: "For the transgression of my people, the plague has been upon Him" (Isaiah 53: 8).
His children can’t break down this miracle. This miracle is getting bigger and bigger for them.
   
Culture and religion of Egypt
What are the lessons of this piece of our history? Firstly: the Egyptian idols can not stop God's plagues. Neither our "idols" can . Secondly: Egypt’s highly developed culture does not mean anything to the Lord. Also our 'technology and culture' do not matter to the Lord either. Thirdly: God's plans had a go ahead however fiercely Pharaoh and his people resisted.
We can make or devise plans, but remember: His plan can’t be thwarted. Make your plans with the Lord. Then you are well off.
Let's  profit of it. Go through your knees. Do not harden yourself in permanent disbelief. Christ praises and offers His mercy. That grace conquers everything. Even your and my hard heart. Amen.